Pensioen Perspectief

Overzicht pensioenuitspraken juni 2011

30-06-2011
CIVIEL
 
art. 7:681 BW
Eerste aanleg - enkelvoudig
Ktr R’dam 110513 1135002 Kennelijk onredelijk ontslag na ruim drie jaar arbeidsongeschiktheid. Schadevergoeding gebaseerd op aanvulling WIA tot 100% gedurende 1,5 jaar

Eiser vordert van gedaagde, zijn oud-werkgever, schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag. Eiser is, na een lange en goede staat van dienst, arbeidsongeschikt geraakt wegens psychische omstandigheden. Reïntegratie binnen en buiten het bedrijf van gedaagde is niet gelukt. Gedaagde heeft uiteindelijk een ontslagvergunning aangevraagd en verkregen. De kantonrechter oordeelt dat het gegeven ontslag onredelijk was en wijst de vordering deels toe.

30-06-2011
FISCAAL
 
art. 12a LB
Hoger beroep
Hof L’warden 110628 10-00061 Gebruikelijk loon advocaat na geruisloze inbreng maatschapsaandeel in BV en uitzakken onderneming. Afroommethode rekening houdend met afschrijving goodwill

In geschil is het antwoord op de vraag of de Inspecteur in de onderhavige jaren terecht en tot het juiste bedrag het loon van belanghebbende op grond van de zogenoemde gebruikelijk loonregeling als bedoeld in artikel 12a van de Wet op de loonbelasting 1964 (hierna: de Wet LB) heeft verhoogd.

29-06-2011
CIVIEL
 
art. 6:248 BW
Eerste aanleg - enkelvoudig
Ktr Almelo 110629 6243-10 Door Zwitserleven uitgevoerde gedispenseerde premievrije pensioenregeling. Uitgewerkte rechtssituatie door pvi ivm WAO. Eis tot indexatie conform Bpf Bouw afgewezen

De kantonrechter acht het onaanvaardbaar dat gepensioneerden (en de zogenaamde slapers) met betrekking tot hun pensioenaanspraken in een gunstiger positie geraken ten nadele van de jongere generaties deelnemers, die wel met aanpassingen van de toezeggingen van pensioenuitvoerders genoegen moeten nemen.

24-06-2011
CIVIEL
 
 
Eerste aanleg – enkelvoudig
Ktr Wageningen 110622 10-6726 Ondanks strijd met pensioenreglement (60 jaar) moet werkgever premie doorbetalen tot 65 jaar. Formulering beëindigingsovereenkomst in het licht van pensioenprognose 2003

Partijen hebben in onderling overleg het dienstverband beëindigd. De werkgever heeft in een brief een beëindigingsregeling geformuleerd. In geschil is hoe hetgeen daarin is opgenomen terzake van de pensioenaanspraken van de werknemer moet worden uitgelegd. Werknemer stelt dat werkgever de pensioenpremie tot 65 jaar dient door te betalen, werkgever stelt dat die plicht eindigt bij 60 jaar. De kantonrechter oordeelt dat de werknemer noch uit de formulering van de brief, noch uit de overige door de werkgever aangevoerde omstandigheden behoefde af te leiden dat een aanspraak tot 60 jaar bestond. Doorbetaling door de werkgever is niet naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar.

24-06-2011
CIVIEL
 
art 7:681 BW
Eerste aanleg - enkelvoudig
Ktr den Bosch 110609 733072 Kennelijk onredelijk ontslag 61-jarige werknemer. Habe-nichtsverweer verworpen. Ingegaan pensioen uit vorige dienstbetrekking niet relevant. Ontslagvergoeding € 28.500

Kennelijk onredelijke opzegging. Gevolgencriterium. Habe-nichtsverweer verworpen.

24-06-2011
FISCAAL
 
art. 11.1g IB64
Eerste aanleg - meervoudig
Rb den Haag 110601 10-3684 en -3685 Het aan een Belgisch ambtenaar toegekende rustpensioen van 71% van zijn laatst verdiende loon heeft onder het oude fiscale regime niet als bovenmatig te gelden

Het aan een Belgisch ambtenaar toegekende rustpensioen van 71% van zijn laatst verdiende loon heeft niet als bovenmatig te gelden, nu het rustpensioen slechts in zeer geringe mate afwijkt van de 70%-norm en naar (vóór 1999 geldende) maatschappelijke opvattingen als redelijk heeft te gelden. De omstandigheid dat hij naast het rustpensioen ook AOW ontving maakt voormeld oordeel niet anders, nu hij in België sociaal verzekerd was en in beginsel geen recht had op AOW. Als gevolg van overgangsrecht bij de invoering van de AOW heeft de Belgisch ambtenaar die in Nederland woonachtig was, fictieve AOW-jaren toegekend gekregen en daarmee een beperkt recht op AOW. Het overlevingspensioen van zijn echtgenote is terecht tot het loon gerekend. Beroep gegrond nu de echtgenote recht heeft op aftrek van buitengewone uitgaven. Geen proceskostenveroordeling nu noodzaak tot het instellen van beroep op dit punt uitsluitend voortvloeit uit de handelwijze van de echtgenote zelf.

24-06-2011
FISCAAL
 
 
Cassatie
HR 110624 10-02286 Door de rechter aan werkgever opgelegde dwangsommen i.v.m. het niet nakomen van pensioenverplichtingen kwalificeren als loon uit dienstbetrekking

Art. 10, lid 1, Wet LB 1964. Dwangsom loon uit dienstbetrekking?

24-06-2011
FISCAAL
 
art. 25.1g IB64
Cassatie
HR 110624 09-05144 Ten onrechte afgetrokken premies kvlc die niet aan de fiscale voorwaarden voldoet, kunnen niet worden uitgesloten van de saldomethode, ook al heeft de fiscus niet nagevorderd

Art. 25, lid 1, letter g, Wet IB 1964; art. I, onderdeel T, lid 3, Invoeringswet Wet IB 2001. In 1992, 1993 en 1999 ten onrechte in aftrek toegelaten lijfrentepremies komen bij toepassing van de saldomethode in mindering op de in 2004 ontvangen afkoopsom en leiden niet tot negatieve uitgaven voor inkomensvoorzieningen.

23-06-2011
FISCAAL
 
art 1.7 IB
Hoger beroep
Hof den Bosch 110408 10-00414 De inspecteur heeft niet aannemelijk gemaakt dat de lijfrenteuitkering uit spaarregeling van Amerikaanse werkgever als pensioen kwalificeert en heeft deze ten onrechte belast

Belasting- en premieheffing over buitenlandse uitkeringen

22-06-2011
FISCAAL
 
art. 7:15 AWB
Eerste aanleg - enkelvoudig
Rb L’warden 110419 10-2176 Onduidelijkheid aangifteprogramma bij dubbele heffing. Fiscus moet kosten bezwaar vergoeden door verrekeningsmethode i.p.v. vrijstellingsmethode toe te passen op inkomen uit GBR

Vergoeding proceskosten bezwaarfase. Verwerkingswijze van aangifte leidt tot toepassing onjuiste methode ter voorkoming van dubbele belasting bij opleggen aanslag. Onrechtmatigheid is aan verweerder te wijten.

Meer resultaten: 123