We kijken altijd verder Wij maken complexe zaken begrijpelijk

Nieuwsgierig of vragen?

Bent u nieuwsgierig naar onze diensten of heeft u vragen?

Uitfasering PEB en belaste schenking voor het schenkingsrecht

16 december 2020

De uitfasering van het pensioen in eigen beheer ligt al weer bijna een jaar achter ons. De laatste uitfaseringen hebben plaatsgevonden per 31-12-2019. Voor deze uitfaseringen verloopt bijna de meldingstermijn. De meldingsformulieren dienen uiterlijk per 30-12-2020 bij de Belastingdienst binnen te zijn. Bij het sluiten van de markt komt het Centraal Aanspreekpunt Pensioenen van de Belastingdienst (CAP) op 11 december 2020 met de “Handreiking vaststellen compensatie ter voorkoming van een belaste schenking bij uitfasering pensioen in eigen beheer”.

Gaan de meldingsformulieren gebruikt worden voor het vaststellen van belaste schenkingen?

Bron: Centraal Aanspreekpunt Pensioenen

Uitfasering PEB

Hoe zat het ook al weer. In het kader van Wet uitfasering pensioen in eigen beheer en overige fiscale maatregelen was er vanaf 1 april 2017 tot 31 december 2019 overgangsrecht. In deze periode kon de DGA besluiten om zijn PEB of:

  • Af te kopen met korting;
  • Om te zetten in oudedagsverplichting (ODV);
  • Te laten staan als PEB.

Bij het afkopen of omzetten in een ODV mocht de PEB “zonder fiscale sanctie” worden afgestempeld van de commerciële waarde naar de fiscale waarde, gevolgd door afkoop of omzetting van de fiscale waarde. De partner moest akkoord gaan en de afkoop of omzetting moest worden gemeld bij de Belastingdienst met een meldingsformulier.

Destijds in de parlementaire behandeling van het Wetsvoorstel is voor twee situaties aangegeven dat er sprake zou kunnen zijn van een belaste schenking als er geen passende compensatie wordt geboden bij afkoop of omzetting. Door afstempeling van het PEB van commercieel naar fiscaal vond er een waardestijging van de aandelen plaats. Tevens vond er tussen partners een verschuiving van rechten plaats.

Situatie 1

Zijn de aandelen niet of niet alleen in handen van de pensioengerechtigde, dan profiteert de pensioengerechtigde niet of niet volledig van deze waardestijging als aandeelhouder. Denk aan de BV van vader die door de zoon is overgenomen en waar nog de PEB van vader in zat, of een BV met meerdere aandeelhouders.

De praktijk leert dat in deze situatie het PEB vaak is blijven staan als gevolg van deze schenkingsperikelen.

Situatie 2

Door het akkoord gaan met de afkoop of de omzetting verloor de partner van de DGA voorwaardelijke pensioenaanspraken, die van belang zouden kunnen worden bij overlijden, dan wel echtscheiding.

De praktijk leert dat partners vaak wel akkoord gegaan zijn met afkoop dan wel omzetting, maar een compensatieovereenkomst is maar zelden opgesteld. Vaak met de gedachte, dat regelen we wel mochten we in de toekomst ooit gaan scheiden.

Geen passende compensatie = belastbare schenking?

In de op 11 december 2020 gepubliceerde handreiking stelt het CAP) dat de vermogensverschuiving tussen aandeelhouder(s) en de pensioengerechtigde en/of tussen (ex)-partners onderling in beginsel een belaste schenking vormt. Deze kan voorkomen worden door een passende compensatie te bieden. Hiermee komen de woorden “zonder fiscale sanctie” toch wel in een ander daglicht te staan. De afstempeling van commercieel naar fiscaal heeft dan wel geen fiscale sanctie in het kader van prijsgeven van een aanspraak tot gevolg, maar kan dus wel degelijk “fiscale consequenties” hebben voor het schenkingsrecht!

Zoals gezegd tussen partners zijn veelal geen afspraken vastgelegd over een compensatie, dan wel een voorwaardelijke compensatie. De vraag is nu of de Belastingdienst actief gaat stellen dat er sprake zou kunnen zijn van een schenking in dergelijke gevallen. Aan de hand van de meldingsformulieren hebben ze alle gemaakte keuzes vastliggen!

Actie voor 2021!

Om te voorkomen dat de Belastingdienst een belaste schenking gaat stellen, is het te adviseren om te beoordelen of alsnog een compensatieovereenkomst opstellen noodzakelijk is. De Handreiking van het CAP geeft aan wanneer dit nodig mocht zijn en geeft een rekenmethode. Bij algehele gemeenschap van goederen of als bijvoorbeeld verevening van pensioenrechten in huwelijkse voorwaarden al is uitgesloten, is compensatie niet nodig.

De rekenmethode roept bij ons wel vragen op, maar het kan wel een startpunt zijn voor het vastleggen van de hoogte van een voorwaardelijke compensatie. Wat als bijvoorbeeld door de afstempeling weer dividendruimte is ontstaan? Kan een dividenduitkering dan in mindering gebracht worden op de voorwaardelijk vastgestelde compensatie? Naar onze mening wel als van het dividend gezamenlijk is genoten of als bijvoorbeeld gezamenlijke schulden hiermee zijn afgelost.

En wat te denken van de lage rentestand de afgelopen jaren. Dit zorgt voor een groot verschil tussen commerciële en fiscale waardering. Volgens het CAP moet de compensatie worden vastgesteld op omzettingsmoment.

In de situatie van verschillende aandeelhouders logisch, want op dat moment wordt de waardestijging gerealiseerd. Maar in de situatie van partners? Op dat moment is er geen sprake van echtscheiding. Deze wordt in de rekenmethode fictief verondersteld. Wat als op moment van daadwerkelijke echtscheiding (als deze zich in de toekomst voordoet) de rentestand hoger of lager is? Is het dan niet redelijk en billijk om de voorwaardelijk vastgelegde compensatie te herrekenen? Wat ons betreft wel.

Daarnaast kan wat ons betreft ook rekening gehouden worden met in de tussentijd uitbetaalde dividenden, ODV uitkeringen waar gezamenlijk van genoten wordt. En wellicht ook het netto ontvangen afkoopbedrag? Vindt er geen echtscheiding plaats, dan hoeft er nooit betaald te worden tussen partners.

Het is dus belangrijk om de DGA dossiers te checken en te beoordelen of alsnog een compensatieovereenkomst nodig is. Dit om te voorkomen dat de Belastingdienst een schenking zou kunnen stellen. Dient dan tevens de berekening opgesteld te worden? Verplicht is dit niet, maar uit praktisch oogpunt wel aan te bevelen. Wie heeft bijvoorbeeld bij een echtscheiding over 15 jaar nog de uitfaseringsberekeningen van het PEB in zijn dossier zitten, waaruit de pensioenrechten blijken? Wat ons betreft dus actie vereist in 2021! Wij zullen hiervoor onze klanten in het eerste kwartaal van 2021 gaan benaderen.

Geen klant bij ons, maar bent u benieuwd wat wij in deze voor u kunnen betekenen? Neem gerust contact met ons op!