We kijken altijd verder Wij maken complexe zaken begrijpelijk

Nieuwsgierig of vragen?

Bent u nieuwsgierig naar onze diensten of heeft u vragen? Neem contact met ons op!

Pensioenontslagbeding: duidelijkheid gewenst!

29 april 2021

Het verschil tussen de AOW-leeftijd en de pensioenrichtleeftijd heeft gevolgen voor het eindigen van de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.  Vaak is overeengekomen dat die arbeidsovereenkomst eindigt (het zogenaamde pensioenontslagbeding) op de “pensioenleeftijd”. Is dat dan de AOW- of de pensioenrichtleeftijd? Duidelijkheid is gewenst om problemen te voorkomen. 

AOW- en pensioenrichtleeftijd niet gelijk

De AOW-leeftijd is anno 2021 het 66e jaar en 4 maanden. De pensioenrichtleeftijd is het 68e jaar. Die zijn nu dus niet gelijk.  Als gevolg van het pensioenakkoord is de stijging van de AOW-leeftijd en de pensioenrichtleeftijd weliswaar niet meer “1 op 1” gekoppeld aan de stijging van de levensverwachting. Maar dat doet aan het verschil niets af. Ook in de toekomst zullen de AOW-leeftijd en de pensioenrichtleeftijd nagenoeg altijd verschillen. Dat maakt deze figuur duidelijk.

Pensioenontslagbeding

Is er geen pensioenontslagbeding? Dan kan de werkgever de arbeidsovereenkomst opzeggen in verband met het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd. Maar vaak is expliciet vastgelegd dat de arbeidsovereenkomst op een bepaald moment eindigt: het zogenaamde pensioenontslagbeding. In de meeste CAO’s is bijvoorbeeld het pensioenontslagbeding gebaseerd op de AOW-gerechtigde leeftijd.

AOW-gerechtigde leeftijd of pensioenrichtleeftijd: wat heeft de voorkeur?

Die vraag is met name relevant voor werknemers die willen doorwerken.

  • Is afgesproken dat de arbeidsovereenkomst eindigt op de AOW-gerechtigde leeftijd? Dan kan de werknemer alleen doorwerken als de werkgever het daar eens mee is;
  • Is de pensioenrichtleeftijd afgesproken? Dan heeft de werknemer het recht om door te werken. Maar dat hoeft natuurlijk niet. De werknemer kan altijd besluiten om tóch te stoppen met werken op de AOW-gerechtigde leeftijd.

In het algemeen is het voor werknemers gunstig als het pensioenontslagbeding wordt gebaseerd op de pensioenrichtleeftijd. En niet onbelangrijk: wie doorwerkt na de AOW-gerechtigde leeftijd bouwt ook extra pensioen op.

Praktijkproblemen pensioenontslagbeding

In de praktijk komen met regelmaat problemen voor. Dat blijkt ook uit de jurisprudentie. Vaak voorkomende problemen zijn bijvoorbeeld:

  • AOW-leeftijd of pensioenrichtleeftijd?

Vaak is vastgelegd dat de arbeidsovereenkomst eindigt op de “pensioenleeftijd”. Maar ja, wat is dan die leeftijd? De AOW-leeftijd of de pensioenrichtleeftijd (68 jaar);

  • Pensioenreglement bepalend?

Op grond van de wet  kan de werkgever de arbeidsovereenkomst opzeggen in verband met het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd, tenzij… een andere leeftijd is overeengekomen.  En tsja, in het pensioenreglement is inderdaad een andere leeftijd overeengekomen. Namelijk de pensioenrichtleeftijd van 68 jaar…;

  • Pensioenontslagbeding nog steeds op 65e jaar?

Het komt vaak voor dat in (oude) arbeidsovereenkomsten het pensioenontslagbeding niet is aangepast aan de stijging van de AOW-leeftijd.  Zo’n pensioenontslagbeding is dan in strijd met gelijke behandelingswetgeving.  De werkgever die van zo’n beding gebruik maakt zegt feitelijk in strijd met de wet de arbeidsovereenkomst op. Illustratief is de uitspraak van Rechtbank Den Haag d.d. 25-02-2021. Daarin werd de werkgever (een advocatenkantoor …) tot een transitie- en een schadevergoeding veroordeeld!

Tips voor de OR

  • Onderzoek het pensioenontslagbeding dat nu wordt toegepast. Is dat expliciet en voldoende duidelijk geformuleerd?
  • Is de AOW-gerechtigde leeftijd afgesproken? Bespreek dan de (on)wenselijkheid om het pensioenontslagbeding op de pensioenrichtleeftijd te baseren. Bijvoorbeeld omdat er in jouw organisatie regelmatig wordt doorgewerkt na de AOW-gerechtigde leeftijd;
  • Vragen? Wij helpen de OR graag.