We kijken altijd verder Wij maken complexe zaken begrijpelijk

Nieuwsgierig of vragen?

Bent u nieuwsgierig naar onze diensten of heeft u vragen? Neem contact met ons op!

« Ga terug naar het overzicht

Laatste nieuws pensioenakkoord

Op deze pagina is de stand van zaken m.b.t. het pensioenakkoord samengevat.
NB: de ontwikkelingen gaan snel. En bovendien: veel details zijn nog niet bekend. Neem op grond van deze informatie geen besluit maar neem eerst met ons contact op. Wij helpen u graag.

Van principeakkoord naar pensioenakkoord …?

Op 4 juni hebben Kabinet, werkgevers en vakbonden een “pensioenakkoord” bereikt. Het is nog een principeakkoord omdat de “achterban” van Vakcentrale FNV nog moet instemmen.
In grote lijnen ziet het akkoord er als volgt uit.

AOW leeftijd stijgt minder snel

De AOW leeftijd blijft 2 jaren “ bevroren” op 66 jaar en 4 maanden. Daarna stijgt de AOW leeftijd alsnog in stapjes tot 67 jaar in 2024. Een verdere stijging van de AOW leeftijd is daarna minder direct gekoppeld aan de ontwikkeling van de levensverwachting. Eén jaar extra levensverwachting betekent dat de AOW-leeftijd met 8 maanden omhoog gaat.
Let op: het is nog niet duidelijk wat er met de pensioenrichtleeftijd gebeurt. Die staat nu op 68 jaar en stijgt ook. Wordt die stijging ook (tijdelijk) bevroren en minder direct gekoppeld aan de levensverwachting?

Eerder met pensioen, niet alleen voor zware beroepen

Er komen nieuwe regels die het makkelijker maken om werknemers eerder te laten stoppen met werken door middel van een “vertrekregeling”. Nu wordt een vertrekregeling fiscaal zwaar gestraft. Straks niet meer. Maar dan gelden er wel voorwaarden m.b.t. die vertrekregeling. Daarvan is het volgende bekend:

  • Een uitkering tot maximaal ca. € 19.000,– per jaar wordt niet beboet;
  • De uitkering mag maximaal 3 jaar duren. Kortom, met behulp van een vertrekregeling maximaal 3 jaar eerder met pensioen;
  • In een CAO kan een andere (ruimere?) vertrekregeling afgesproken worden.

Nieuw pensioencontracten: pensioenkortingen voorlopig van de baan

De rekenregels voor pensioenfondsen worden gewijzigd. Dit betekent dat de hoogte van de pensioenuitkering straks meer mee ademt met de financiële positie van het fonds. De uitkering kan dus (eerder) stijgen maar ook (eerder) dalen. Die flexibiliteit betekent dat fondsen lagere “buffers” mogen aanhouden. En als het gaat om het delen van de beleggingsrisico’s. Voortaan kunnen pensioenfondsen kiezen uit twee opties: óf die risico’s worden door de deelnemers collectief gedeeld (zoals het nu is) óf die risico’s komen voor rekening van de individuele deelnemer.
Maar die nieuwe rekenregels moeten nog wel verwerkt worden in een nieuw zogenaamd “reëel pensioencontract”. Dat kost tijd. Tot die tijd “versoepelt” het Kabinet de huidige rekenregels. Daarmee zijn de dreigende pensioenkortingen voorlopig van de baan.

Afschaffing leeftijdsonafhankelijke pensioenopbouw

Volgens het huidige systeem wordt voor iedere werknemer dezelfde (procentuele) doorsneepremie betaald. Of je nu oud of jong, gezond of ongezond bent. En voor iedere werknemer is ook de jaarlijkse pensioenbouw gelijk. Die collectievere solidariteit stopt. Voortaan wordt die pensioenpremie voor de pensioenopbouw van de individuele werknemer ingezet. Jongeren bouwen dan meer pensioen op dan ouderen.
Dit heeft negatieve gevolgen voor “oudere” werknemers. Het doel is om die gevolgen o.a. op te vangen met het geld dat “vrijvalt” doordat in het nieuwe pensioencontract lagere buffers mogen worden aangehouden.

Pensioen ZZP’er

Er komt geen verplichte pensioenregeling voor zelfstandigen. Wel wordt het voor de ZZP’er makkelijker gemaakt om pensioen op te bouwen.
De ZZP’er wordt wel verplicht om een arbeidsongeschiktheidsverzekering te treffen. Daar komt een “basisverzekering” voor.

Werknemers met geen/weinig pensioen

Er zijn werknemers die geen pensioen of slechts een laag pensioen opbouwen. Bijvoorbeeld uitzendkrachten. Er komen maatregelen om het pensioen voor deze groep werknemers te verbeteren.

Pensioenfondsen, en de rest …?

Het pensioenakkoord ziet met name toe op (bedrijfstak)pensioenfondsen. Maar hoe zit dat met pensioenregelingen die elders worden uitgevoerd zoals door verzekeraars, premie pensioeninstellingen en algemeen pensioenfondsen. En gelden de regels voor middelloonregelingen of ook voor beschikbare premieregelingen? Moet bijvoorbeeld de afschaffing van de leeftijdsafhankelijke pensioenopbouw ook door “de rest” worden gevolgd? Dan heeft dat drastische gevolgen, álle regelingen moeten dan gewijzigd worden. Tot nu toe is er inderdaad geen onderscheid gemaakt…! Wij houden u op de hoogte.

Nieuwsgierig of vragen?

Bent u nieuwsgierig naar onze diensten of heeft u vragen? Neem contact met ons op!